09 jul 2026

Interparlementaire Commissie verdiept zich in AI voor het Nederlands tijdens werkbezoek aan imec

Op 29 juni bezocht de Interparlementaire Commissie (IPC) van de Nederlandse Taalunie imec in Leuven. Tijdens het werkbezoek stelden imec en TNO hun werking voor en verdiepten de Vlaamse en Nederlandse parlementsleden hun bestaande inzichten in AI voor het Nederlands. Van innovatieve chiptechnologie tot samenwerking binnen het hele taalgebied.
Het bezoek kwam er op initiatief van voorzitter Griet Van Ryckeghem en ondervoorzitters Daan Roovers, Hannelore Goeman en Ilana Rooderkerk. Het volgde op de IPC-bijeenkomst van maart, waarin heel wat parlementsleden vragen stelden over AI voor het Nederlands. De interesse bij Vlaamse en Nederlandse parlementsleden in de toekomst van het Nederlands is groot.

Start van het werkbezoek


Voorzitter Griet Van Ryckeghem en algemeen secretaris Gunther Van Neste openden de dag. Zij kaderden de toekomst van het Nederlands binnen de opdrachten van de Taalunie en de uitdagingen die daarmee gepaard gaan.

Chips centraal in AI


Jan Adriaenssens gaf een introductie over imec en zijn internationale rol. Imec is 's werelds grootste onafhankelijke onderzoeks- en innovatiecentrum voor nano-elektronica en digitale technologie.

Samen met het Nederlandse technologiebedrijf ASML ontwikkelt imec de volgende generatie chiptechnologie. ASML ontwikkelt de machines waarmee computerchips worden geproduceerd. Imec gebruikt die technologie om de volgende generatie chips te onderzoeken en te testen. Zo kunnen chipfabrikanten uit de hele wereld de nieuwste technologieën in het open innovatiecentrum van imec uittesten en valideren voordat die op grote schaal worden ingezet.

Dat onderzoek is essentieel voor artificiële intelligentie. AI-modellen kunnen alleen worden getraind, verbeterd en gebruikt dankzij gespecialiseerde hardware. Hoe krachtiger en efficiënter de chips, hoe beter AI kan presteren.

Achter de schermen

Na de introductie volgde een rondleiding door de chipfab van imec. De deelnemers kregen een blik achter de schermen van de stofvrije cleanrooms, waar chips worden ontwikkeld en geproduceerd. Ze zagen ook hoe de meest recente machine die ASML aan imec leverde, wordt klaargemaakt voor gebruik.

Nood aan samenwerking


Tijdens het tweede deel van het werkbezoek lichtten Tanguy Coenen (imec) en Saskia Lensink (TNO) het belang toe van een doorgedreven samenwerking tussen Nederland, Vlaanderen en Suriname rond AI voor het Nederlands. Onder meer het Algemeen Secretariaat van de Taalunie, de KB, imec, TNO, VRT, INT en het Instituut voor Beeld en Geluid, en academische instellingen in Nederland, Vlaanderen en Suriname zijn belangrijke partners. 

De parlementsleden grepen de gelegenheid aan om uitgebreid vragen te stellen.

Meer dan taal


Het werkbezoek bracht de deelnemers een brede inkijk in AI voor het Nederlands: van de technologische basis waarop AI steunt tot de samenwerking die nodig is om het Nederlands in die ontwikkelingen een volwaardige plaats te geven.

Het werkbezoek stelde opnieuw een aantal elementen op scherp: 

  • AI is bevooroordeeld. Zelfs wanneer we die bias herkennen, blijkt het bijzonder moeilijk om die volledig weg te werken.
  • Recent onderzoek toont dat jongeren in de VS vaker contact hebben met hun taalmodel dan met andere mensen. Dat onderstreept hoe belangrijk betrouwbare AI-systemen zijn.
  • De nood aan Europese taalmodellen is groot. Alleen zo kunnen Europese waarden en maatschappelijke contexten een volwaardige plaats krijgen in AI-toepassingen.

De verschillende inzichten maken opnieuw duidelijk dat AI voor het Nederlands niet alleen over technologie of taal gaat. Een deelnemer vatte dat mooi samen: 'Taal is meer dan taal. Het is taal; cultuur; normen en waarden. Taal is wie we zijn.’ 

Voorzitter van de IPC Griet Van Ryckeghem mocht de dag afronden: 

'Wat imec zo sterk maakt, is dat het geen eiland van innovatie is, maar een ecosysteem: onderzoekers, academici en ondernemingen die hun kennis bundelen en elkaar versterken. Dat is precies de les die we moeten trekken voor het Nederlands in het tijdperk van AI. Als artificiële intelligentie de taal van de toekomst spreekt, dan moeten Vlaanderen en Nederland samen met de Taalunie en met het Instituut voor de Nederlandse Taal de krachten, expertise en middelen bundelen. Alleen met een strategisch en ambitieus plan zorgen we ervoor dat de taal die artificiële intelligentie spreekt ook Nederlands is.'