Een van de vreemdste momenten in mijn leven was het moment waarop ik besefte dat ik emotioneel gehecht raakte aan het woord “gezellig”.
Want het begon volledig onschuldig.
Eerst gebruik je het ironisch.
Dan een beetje te vaak.
En op een bepaald moment betrap je jezelf erop dat je in Kyiv naar een café kijkt en denkt:
“Ja… dit is eigenlijk best gezellig.”
En dan begrijp je plots iets heel gevaarlijks:
de Nederlandse taal zit al ergens diep in je persoonlijkheid.
Dat is waarschijnlijk ook het moment waarop je officieel neerlandicus wordt.
Want vandaag zijn we hier op Nederlands Centraal samengekomen om onze eigen kleine of grote liefdesverklaringen aan de Nederlandse taal te delen – een taal die voor ieder van ons op een andere manier centraal staat.
Nu ik me al jaren in het Nederlands verdiep, lijd ik zelfs aan een soort beroepsmisvorming: ik analyseer menselijke relaties soms alsof het grammaticale constructies zijn.
Sommige mensen voelen aan als korte, duidelijke zinnen: je begrijpt meteen waar je aan toe bent.
Andere mensen lijken meer op bijzinnen: complexer, genuanceerder, en pas op het einde begrijp je waar het gesprek eigenlijk naartoe ging.
En met sommige mensen heb je onmiddellijk het gevoel als bij een goede vertaling: alsof alles plots vanzelf klopt.
Dus vandaag vertel ik jullie iets over de neerlandistiek in Oekraïne – maar vanuit een taalkundig perspectief.
Of beter gezegd: drie linguïstische observaties uit Kyiv.
Of wat de neerlandistiek mij geleerd heeft over zichtbaarheid, motivatie en overleven.
1. Semantiek
Het is onmogelijk om over de plaats van de neerlandistiek in Oekraïne te spreken zonder stil te staan bij semantiek.
Bij betekenis.
Want woorden zoals klein, minder verspreid of niet klassiek krijgen in academische contexten vaak een heel vreemde bijklank.
Voor veel Oekraïners blijft neerlandistiek een soort terra incognita, klein.
Niet iedereen begrijpt waarom iemand kiest voor Nederlands.
Wij veranderen dat beeld langzaam maar zeker.
Onze universiteit is de enige universiteit in Oekraïne waar Nederlands wordt aangeboden. Een tweede afdeling Nederlands aan een andere universiteit is sinds de grootschalige invasie gesloten.
Momenteel hebben wij 26 studenten die Nederlands volgen binnen drie vakken: taalverwerving, kennis van land en volk en vertaalwetenschap.
En daarnaast hebben wij ook één PhD-student, die jullie toevallig nu voor jullie zien staan, en die binnenkort het eerste verdedigde proefschrift in de neerlandistiek in Oekraïne zal afronden.
Maar waarom kiezen studenten voor Nederlands?
Na jaren lesgeven heb ik drie antwoorden gevonden.
Het eerste antwoord is pragmatisch.
Neerlandistiek is nog een relatief onbezette niche.
In een wereld waar iedereen probeert op te vallen, wordt een minder voor de hand liggende taal soms net je grootste professionele troef.
Het tweede antwoord heeft te maken met gemeenschap.
Dankzij organisaties zoals de Nederlandse Taalunie, de IVN en de Comenius-vereniging voor Centraal- en Oost-Europese neerlandici voelen onze studenten en ik ons deel van een grote internationale gemeenschap van neerlandici. Zo is de Taalunie er altijd geweest – bij het ontstaan van de neerlandistiek in Oekraïne ongeveer 20 jaar geleden, tijdens de bloei, en in de moeilijke afgelopen vier jaar.
Het derde antwoord is het meest emotionele.
De Oekraïense samenleving die al jarenlang probeert haar eigen taal zichtbaar te houden en ervoor vecht om haar stem niet te verliezen, begrijpt intuïtief waarom elke taal belangrijk is.
Misschien kiezen onze studenten daarom niet alleen vóór het Nederlands, maar ook vóór het idee dat alle talen bescherming, zichtbaarheid en liefde verdienen.
2. Scheidbare werkwoorden — hoe motiveer je studenten?
Als ik motivatie moet uitleggen, doe ik dat via scheidbare werkwoorden.
Niet alleen omdat ik er als student ongelofelijk veel moeite mee had, maar ook omdat ze perfect beschrijven hoe onderwijs vandaag werkt.
Want goede motivatie bouw je niet zomaar op.
Je moet ze uitbreiden, voortzetten, doorgeven, samenbrengen.
Toen ik in 2018 begon les te geven, onderschatte ik drie dingen.
Ten eerste: generaties veranderen ontzettend snel.
En dus moeten lessen voortdurend mee veranderen.
Vandaag werkt het bijvoorbeeld verrassend goed om naast de lessen ook een WhatsAppgroep te hebben waar bijna dagelijks iets verschijnt: een woord van de dag, vijf vreemde slanguitdrukkingen, een meme of een filmpje.
Wij hebben zelfs een Spotifylijst opgebouwd met Nederlandstalige muziek – een lijst die ondertussen al door meerdere generaties Oekraïense neerlandici wordt aangevuld.
Ten tweede besefte ik dat taal nooit alleen grammatica is.
Taal is ook cultuur.
Normen en waarden.
Humor.
Muziek.
Collectief geheugen.
Passie.
De sterkste motivatie ontstaat namelijk wanneer studenten zien dat taal letterlijk deuren opent.
Dankzij extra steun voor een lezingenreeks aan onze afdeling Nederlands ontstaat er plots een verbinding tussen neerlandici in Kyiv en Belgische en Nederlandse journalisten, ambassadeurs, schrijfsters en vertalers.
Tussen studenten uit Kyiv, Boedapest, Belgrado, Bratislava en Boekarest rond de relevantie voor hen van de dichtbundel ‘Bezette stad’ van Paul van Ostaijen.
Tussen een student van de KU Leuven die onderzoek doet naar motivatie in de neerlandistiek en een Oekraïense collega uit Lviv die binnen UNESCO cultuurprojecten ondersteunt.
En ten derde leerden wij iets wat waarschijnlijk veel docenten wereldwijd herkennen:
onderwijs vraagt vandaag enorme flexibiliteit.
Soms moet een les plots worden verplaatst.
Onderbroken.
Uitgesteld.
Online voortgezet.
Soms geef je les vanuit een lokaal, soms vanuit Zoom, soms vanuit een schuilkelder.
Dus wat is uiteindelijk het recept voor motivatie?
Volgens mij heel eenvoudig:
studenten leren een taal pas echt wanneer die taal niet alleen in hun cursusboek leeft, maar ook in mensen, projecten, muziek, gesprekken, welzijn en gedeelde passie.
3. Voorwaardelijke zinnen – hoe maak je neerlandistiek zichtbaarder?
Tot slot wil ik het hebben over voorwaardelijke zinnen.
Omdat die vandaag actueler zijn dan ooit.
“Als dit gebeurt…”
“Als alles lukt…”
“Als de omstandigheden meevallen…”
Er bestaat een bekende uitdrukking:
“Wil je God aan het lachen maken? Vertel Hem dan over je plannen.”
In Oekraïne voelt die zin soms pijnlijk herkenbaar aan.
Oekraïners plannen vandaag niet meer maanden vooruit, maar dag per dag.
Maar misschien is dat precies waarom dromen belangrijk blijven.
Toen ik student was, was Nederlands voor mij een droomtaal.
Vandaag is het voor mij en mijn studenten een taal geworden waarmee we aan dromen bouwen.
Dus hoe kunnen wij neerlandistiek zichtbaarder maken in Oekraïne?
Als ik mijn doctoraat dit jaar succesvol afrond, willen we met een opleiding Nederlands als hoofdvak beginnen.
En met een sterkere institutionele basis zullen wij ook meer vertalers kunnen opleiden – mensen die Nederlandstalige literatuur naar het Oekraïens brengen. De Oekraïense schrijver en nu ook soldaat, Oleksander Myched, zegt dan ook in zijn in het Nederlands vertaalde boek ‘De taal van oorlog’: ‘Literatuur redt geen levens, behalve als ze dat wel doet.’
En er is nog één droom.
Als de lucht boven Oekraïne ooit opnieuw volledig rustig wordt, en wanneer de omstandigheden veilig genoeg zijn, zou ik ontzettend graag meemaken dat Kyiv zelf een plaats wordt waar neerlandici samenkomen.
Voor zomercursussen.
Voor colloquia.
Voor gezamenlijke projecten.
Voor ontmoetingen.
Dat collega’s van de Taalunie, Comenius, de IVN en andere partners ooit gewoon naar onze universiteit kunnen komen om te zien hoe de neerlandistiek in Oekraïne leeft.
Want neerlandistiek in Oekraïne bestaat vandaag ondanks alles.
Maar tegelijk ook dankzij ontzettend veel mensen.
En misschien is zichtbaarheid uiteindelijk precies dat:
niet luid spreken, maar blijven klinken.
Vandaag stond in een van de workshops het boek “Liefdesverklaring aan de Nederlandse taal” centraal.
En eerlijk gezegd vind ik dat een prachtige titel.
Want uiteindelijk zijn al onze lessen, vertalingen, projecten, samenwerkingen en gesprekken gewoon allemaal liefdesverklaringen aan taal als een kostbaar goed.
Aan het idee dat taal mensen met elkaar verbindt.
Dat kleinere talen ook grote bruggen kunnen bouwen.
Dat woorden grenzen oversteken nog voor mensen dat doen.
En misschien is dat uiteindelijk de mooiste definitie van neerlandistiek in Oekraïne:
een kleine taal,
die onverwacht veel ruimte opent.