Staatssecretaris Judith TielenTaal is de basis van alles. Of het nu in Vlaanderen, Suriname, Nederland of het Caribisch deel van het Koninkrijk is: Nederlands verbindt ons. Het stelt ons in staat om onze rechten en plichten als burger te begrijpen en volwaardig mee te doen – op school, op het werk en in de samenleving.
Tijdens de ochtendsessie beantwoordde Judith Tielen parlementaire vragen over innovatieprojecten, taalkennis in het onderwijs, streektalen, AI en de economische kracht van taal. Manu Dierickx, Gilles Bultinck, Theo Bovens, Hetty Janssens-van Helvoort, Daan Roovers en Griet Vanryckegem waren de vraagstellers.
In de middag lag de focus op het taal-, cultuur- en onderwijsbeleid in Nederland en Vlaanderen, en de rol van de Taalunie daarin. Christine Sas (IVN) en Gunther Van Neste belichtten de uitdagingen voor de internationale neerlandistiek, terwijl Paul Hermans (Literatuur Vlaanderen) en Annemieke Hoorntje de rijkdom van de Nederlandstalige woordcultuur toonden. Sjef Barbiers (INT) en Catia Cucchiarini verdiepten zich in de impact van AI op de taalinfrastructuur.
Tot slot stonden de onderwijsprogramma’s van beide landen centraal, zoals Ieder kind taalheld in Vlaanderen en het Masterplan basisvaardigheden in Nederland. Experten Daniel Muijs, Paul van den Broek en Steven Vanhooren deelden hun inzichten.
Namens de IPC namen ook Frédéric Erens, Hannelore Goeman, Bram Jaques, Antoon Kanis, Andrea van Langen-Visbeek en Ilana Rooderkerk deel aan het debat.
Ook de Nederlandse ambassadeur in België Brechje Schwachöfer en de diplomatiek vertegenwoordiger van Vlaanderen in Nederland Nic Van der Marliere waren aanwezig.
Het was een inspirerende dag vol kennisuitwisseling en dialoog, waarbij zowel de staatssecretaris als de parlementsleden het belang van ondersteuning voor het Nederlands benadrukten.