Paola Gentile, docente Nederlands aan de universiteit van Triëst
17 nov 2022

Nederlands in de wereld

Elk jaar volgen studenten in veertig landen een opleiding Nederlands aan een universiteit of hogeschool. Van China tot Argentinië, van Amerika tot Indonesië, en dichter bij huis, zoals in België, Duitsland en Italië. Wat drijft deze jonge mensen?

In de maandelijkse rubriek van Taalunie: Bericht vragen we het studenten, docenten en onderzoekers. In deze editie vertelt Paola Gentile, docente Nederlands aan de universiteit van Triëst, haar verhaal aan de hand van vier vragen. 
 
Welke studie heb je gevolgd? 
Ik begon mijn traject Nederlands, mijn derde taal, in 2011 aan de universiteit van Triëst – gecombineerd met een master in conferentietolken met de andere twee talen in mijn combinatie: Spaans en Engels. Ik maakte mijn doctoraat uiteindelijk af in 2016. Vandaag mag ik met trots aankondigen dat ik recent een vaste aanstelling kreeg als docente in de vakgroep Nederlands! 
 
Waarom koos je voor een studie Nederlands? 
Wel, ik wilde een Germaanse, kleinere taal gaan studeren. Spaans, Engels en Duits zijn drie grote talen, waardoor de concurrentie als tolk en/of vertaalster voor deze talen te groot aanvoelde. In eerste instantie heb ik dus om een eerder pragmatische reden besloten om Nederlands te gaan studeren. Maar die reden keerde al snel naar iets warmers … 
 
De initiële reden om ‘gewoon’ iets bijzonders te gaan doen, die transformeerde in een ware liefde voor het Nederlands – wat uiteindelijk ook de drijfveer werd om me in deze taal te willen specialiseren. Het werd mijn belangrijkste studie én werktaal. 
 
De hoofddocente van de vakgroep Nederlands in Triëst, Dolores Ross, is een bijzonder charismatische vrouw die haar liefde voor het Nederlands niet onder stoelen of banken stak. En dat helpt om mee op die kar te springen! (lacht) 
Daarnaast werden er op de universiteit heel veel activiteiten georganiseerd met gasten zoals vertaal- en tolkprofessionals – en had ik de keuze tussen heel wat extra interessante gastcolleges. Je ziet het: wij waren – en zijn nog altijd – heel actief om hun studenten te motiveren en enthousiasmeren voor het Nederlands.  
Naast die extra activiteiten van mijn eigen universiteit, volgde ik in 2014 ook de zomercursus van de Taalunie, toen nog in Zeist: een superleuke en leerrijke ervaring! Al deze kansen die ik kreeg en activiteiten die ik meedeed, deden me uiteindelijk besluiten om na mijn doctoraat een carrière in het Nederlands op te zoeken. Missie geslaagd! (lacht) 
 
Wat doe je nu met het Nederlands? Hoe gebruik je je studie voor je werk? 
Vandaag gebruik ik mijn studie natuurlijk om zelf Nederlands te doceren. Tot nu toe heb ik conferentietolken gedoceerd, maar vanaf volgend jaar zal ik ook twee cursussen taalverwerving voor bachelorstudenten geven. Ik gebruik het Nederlands dus dagelijks: niet alleen voor mijn lessen, trouwens, maar ook voor mijn onderzoek. Ik doe tenslotte onderzoek naar hoe Nederlandse literatuur in Italië ontvangen wordt – en schrijf wetenschappelijke artikels in het Nederlands. Ik kan dus wel zeggen dat het Nederlands deel uitmaakt van mijn dagelijkse leven! 
 
En dat geldt ook voor mijn vrije tijd, overigens. Ik heb dit jaar een stagiaire uit Leiden onder mijn vleugels. Als we samen aperitieven na het werk, spreken we altijd Nederlands met elkaar. Daarnaast doe ik in mijn vrije tijd aan moderne dans – en stelde ik laatst aan mijn leraar het een lied van S10 voor om choreo op te doen. Mijn leraar was daar heel enthousiast over – en ik ook, natuurlijk! (lacht) 
 
Wat vind jij het mooiste Nederlandse woord? 
Goh, zo moeilijk! Soms denk ik aan grappig klinkende woorden en die schrijf ik dan weleens op. Zo is ‘goesting’ één van mijn favoriete woorden – ook al is het eigenlijk geen standaardtaal. Maar het feit dat je dit voor alles kan gebruiken, voor eten maar ook voor het plezier om iets te doen, vind ik fantastisch. En het helpt natuurlijk ook dat het woord gelijkenissen heeft met mijn eigen dialect. Die link in mijn hoofd maakt het nog mooier!  

Nederlands internationaal

De Taalunie wil de rol en meerwaarde van het Nederlands internationaal zichtbaar maken en beter benutten door het onderwijs, onderzoek en gebruik van de Nederlandse taal en Nederlandstalige cultuur te versterken en door internationale netwerken rond Nederlands verder uit de bouwen en met elkaar te verbinden. We versterken het internationale onderwijs en onderzoek van het Nederlands door het bieden van ondersteuning aan studenten, docenten en onderwijsinstellingen die buiten het taalgebied actief met het Nederlands bezig zijn. Dat gebeurt bijvoorbeeld door het financieel ondersteunen van netwerken, gastdocenten, gastschrijvers, conferenties en projecten, maar ook door het beschikbaar stellen van cursussen, toetsingsmogelijkheden en informatie over leermiddelen.

Meer informatie over het belang van het Nederlands internationaal